Aanleiding

Het is januari, de tijd van goede voornemens. Hoewel ik niet echt aan goede voornemens doe, is schermtijd een constante factor in mijn leven waar ik toch een keer iets mee wil doen. Dus waarom niet nu?

Zoals zovelen ben ik me bewust van de hoeveelheid tijd die ik per dag aan schermen kwijt ben. Daarin ben ik hoogstwaarschijnlijk extreem doorgeslagen. Ik zou mezelf schermverslaafd noemen en ik heb geen idee of en hoe ik er vanaf ga komen. Ik ben allang op het punt dat het veel makkelijker is om de minuten zonder schermtijd te tellen dan met, en dat is natuurlijk best wel zorgelijk.

Sinds ik vader ben geworden, ben ik me bewuster van dat schermgebruik. Een stem in mijn achterhoofd zegt: ik wil niet dat mijn kind me de hele dag naar een scherm ziet staren. Het is deels schaamte, maar niet alleen dat. Het is ook het gevoel dat ik een goed voorbeeld moet geven.

Het scherm als standaard voor (bijna) alles

Schermtijd is uitgegroeid tot een zogeheten wicked problem. Er zijn veel factoren die mensen aan de schermen gekluisterd houden en ze hangen ook met elkaar samen. Daarom realiseer ik me dan ook precies waar mijn eigen probleemsituaties zitten. Ik sta op en lees het ochtendnieuws op mijn telefoon tijdens het ontbijt. Ik heb een kantoorbaan en werk vaak thuis met online vergaderingen en twee schermen tegelijkertijd, dus dat tikt ook aan. En ’s avonds zijn veel vormen van ontspanning ook scherm-gerelateerd; we kijken thuis een film of serie of ik lees nog wat op nieuwssites, Reddit of doe Sudoku’s op mijn telefoon.

Natuurlijk kan ik best wel wat dingen verzinnen om schermtijd te verminderen. Ik heb bijvoorbeeld mijn apps al van app-timers voorzien, om de telefoonverslaving minder voor de hand liggend te maken. De app-timer is de ultieme confrontatie met je eigen verslaving; het voelt slecht om de melding te krijgen dat je over je zelfbedachte limiet gaat. Helaas is dat limiet met twee knoppen weer verhoogd en kan je daarna zorgeloos verder scrollen. De eerste keer voelt dat misschien slecht, maar daarna wordt het al snel een automatisme. Dit is dus niet effectief.

Het onderliggende probleem is, zoals met veel verslavingen, de standaard. Een scherm gebruiken is de standaard manier geworden om zo’n beetje alles te doen. Ga maar na; een fysieke krant lezen is best duur en onhandig, vergeleken met een telefoon waarop al het nieuws binnen handbereik is. Sinds coronatijd is de videocall de standaard voor vergaderen geworden. Vergaderzalen reserveren kan in de meeste organisaties nog wel, maar dan moet eerst worden gecheckt of iedereen die dag wel op kantoor kan zijn en hoe het zit met reistijd en werktijden. En ook voor ontspanning en entertainment is het zoveel moeilijker en tijdrovender om naar een locatie toe te gaan, als je jezelf eindeloos thuis kan vermaken met een paar streamingdiensten of sociale media.

Wat dan wel?

Gewoontes doorbreken is helaas ontzettend moeilijk, zeker als ze verslavend zijn. Schermtijd is ook niet iets waar je cold turkey mee kan stoppen, zoals met roken of alcohol; het scherm is simpelweg een integraal onderdeel van het leven geworden. De enige optie is in dit geval makkelijker om gewoontes te laten bestaan, maar de relatie met schermen proberen om te buigen. Daarvoor een aantal ideëen die ik zelf ook toepas, met wisselend succes.

Allereerst het laaghangende fruit, namelijk het werkgerelateerde schermgebruik. Zolang je niet in een giftige bedrijfscultuur zit waarbij management de actieve schermtijd ziet als een soort target, zijn er allemaal quick wins te behalen. Vergaderingen waar geen scherm voor nodig is, kunnen buiten, het liefst wandelend met de collega’s in kwestie, maar bellend (zonder video) kan ook. Sowieso geloof ik stellig in de theorie dat hoe meer mensen er bij een vergadering aanwezig zijn, hoe minder nuttig deze is. Dus misschien zijn er afspraken die je helemaal kunt schrappen. Brainstormsessies werken goed met whiteboard of pen en papier; pas voor het definitieve ontwerp is de laptop nodig.

Privé schermtijd is moeilijker aan te pakken, maar ook daar zijn er stappen te zetten die niet onmogelijk zijn, zelfs voor een hardcore nieuwsverslaafde zoals ikzelf. Een abbonnement op een nieuwssite met lange artikelen is een goed idee, in plaats van het eindeloos lezen van korte ANP berichten. Zo steun je ook nog eens kwalitatieve journalistiek; dubbel winst dus. Van veel nieuwsmedia zijn er ook podcasts; een perfecte reden om de telefoon onderweg in je zak te laten.

Social media is helemaal tricky en daar heb ik zelf ook het meeste moeite mee; die apps zijn er juist constant mee bezig om jouw schermtijd te vergroten. Een onderzoek van Bits of Freedom wijst uit dat sommige van deze apps je zelfs meer notificaties sturen, naarmate je de app minder gebruikt. Wat mij betreft des te meer reden om alle notificaties van social media uit te zetten. Zoals Hang Youth treffend zong:

De algo’s hebben jou nodig, en niet andersom.

Voor verdere ervaringen over dit onderwerp kan ik de documentaire Schermstrijd aanraden op NPO Start. Niet alleen informatief, ook heel herkenbaar en soms best pijnlijk.